“Voor een vaste plaats moet je een abonnement bij Muziekcentrum Vredenburg nemen”
door Bart-Jan Bekooij
Bart Jan Bekooij was speler van het A1-elftal in het seizoen 1985-1986.
Hieronder haalt hij herinneringen op
UVV A1, in het seizoen 1985-1986
“In 1985 werd door de KNVB de Landelijke Jeugdcompetitie geïntroduceerd. In 5 districten werden profclubs en amateurclubs gemengd. Uit de stad Utrecht waren FC Utrecht, Elinkwijk en UVV vertegenwoordigd. [….]
In de lente van 1985 werd ik op een doordeweekse avond in het UVV-paviljoen ontboden bij Wim Haazer, elftalleider van UVV A1 en tevens legende in de Utrechtse voetbalwereld. Ik kende Mijnheer Haazer al, want hij was tevens leraar Aardrijkskunde op de O.S.G. Hendrik v.d. Vlist, toen nog een Middelbare School op de Amerikalaan in Kanaleneiland. Ik had weleens een jaar les van hem gehad. […]
.Haazer legde mij uit dat ik welkom was om van de Kampong-jeugd over te komen naar UVV, samen met mijn Kampong-maatje Jan Willem Luijters. Maar Haazer wilde wel een aantal dingen duidelijk maken, zodat we samen niet voor verrassingen kwamen te staan in het volgende seizoen. Zo werd mij uitgelegd dat er geen vaste plaatsen werden weggegeven. Wilde ik dat wel, dan moest ik maar een abonnement nemen bij Muziekcentrum Vredenburg. Daarnaast was ik een reuze kerel als ik de bal in de schoenen schoof van de spelers die meer konden dan ik. Ging ik zelf voetballen en het werd niks, dan lag ik er zo uit.[…]
Enigszins beledigd nam ik afscheid, want ik vond mezelf in die tijd een verdomd aardige speler. Bij Kampong was ik gewend laatste man te spelen, ik nam de vrije trappen en was er aanvoerder. Naar ik begreep zou de hiërarchie binnen UVV het komende seizoen anders liggen, en dat was niet in mijn voordeel. Maar ik wilde per se eens kijken bij een andere club, en ik zou het mezelf eeuwig kwalijk nemen als ik de stap niet zou hebben gewaagd. Dus ik ging naar UVV.
UVV speelde nog op Sportpark J.C. Verthoren, aan de overkant van de Douwe Egberts-brug. Wat heb ik die brug vroeger vervloekt. Na een zware training die brug op, het was elke keer een opgave. We trainden op een gravelveld en neemt u van mij aan dat dat geen egaal veld was. Daarna douchen in de oude kleedkamers (koud in de winter!) en hup, op de fiets naar huis. Ik vond de accommodatie nogal verouderd, maar wilde vooral niet het verwende Kampong-mannetje acteren, dus ik hield wijselijk mijn mond. Daarbij klaagde niemand van de jongens hierover, dus wie was ik dan wel.
De leiding bestond uit een aantal zwaargewichten. Cies Bouwens was Algemeen Voorzitter van UVV, maar tevens elftalleider van de A1. […] Wim Haazer was onze coach. Haazer was een legende in de Utrechtse voetbalwereld en had Marco van Basten en John van Loen nog onder zijn hoede gehad. Ook Haazer leeft helaas niet meer. Remco van Eijkelenborg was onze veldtrainer. Van hem hebben we veel geleerd. Remco had betaald voetbal gespeeld bij (toen nog) AZ ’67. Peter Dussenbroek liep mee met de technische staf. Peter was in de leer omdat hij het seizoen erop eindverantwoordelijk werd voor de A1. Zelden iemand meegemaakt die zo gek van het spelletje is. Een fijne vakman waar je altijd bij terecht kon.
Vanuit verschillende verenigingen kwamen jongens over naar UVV. […]. Opmerkelijk hoe snel we een eenheid vormden, een knap staaltje werk van de leiding.
Michel van Burgsteden en Erik Tammer waren de sterspelers, beiden geweldige voetballers.
Erik Tammer speelde later nog voor Ajax, FC Utrecht, Heerenveen, Excelsior en Go Ahead Eagles en HBS.
De meeste jongens waren echte UVV-ers. Harrold van Laaren was onze laatste man en zat bij mij in de klas op de Hendrik v.d. Vlist; een fijne technicus. Guus Sanstra was een robuuste voorstopper, een mooie jongen die populair was bij de meisjes. Ferry Steenbrink, Jos v.d. Linden en Emile de Wissel waren verdedigers waar je moeilijk langs kwam. Jack de Heus was een stijlvolle rechtshalf, Marcel van Reenen een middenvelder met een goed overzicht en een prachtige trap. Yoessef Talha was een geweldige rechtsbuiten en tegelijkertijd een van de aardigste jongens met wie ik ooit heb gevoetbald. Valentijn de Korte was een talentvolle keeper in opkomst.[…]
In de competitie verliep het niet altijd even vlotjes. We vochten tegen degradatie en vooral fysiek kwamen we nog weleens tekort. Ik leverde als rechtsback braaf mijn ballen in bij Jack de Heus en Michel Burgstede. Het tempo was hoog en we sprokkelden de puntjes moeizaam bij elkaar.
We speelden een keer tegen Volendam-uit. De wedstrijd zou in het Volendam-stadion plaatsvinden. Bij de bespreking vooraf mochten we van Haazer vooral niet geïmponeerd zijn. Volendam: daar waren wij uit Utrecht toch niet van onder de indruk? Het belletje in de kleedkamer ging en we vlogen erop. We kwamen voor, maar moesten uiteindelijk met 3-3 genoegen nemen. […]
Uit bij Ajax voelde je aan alles dat het mis ging. Het was vooraf doodstil in de kleedkamer. In de rust stonden we met 5-1 achter. Erik Tammer maakte onze goal, door in zijn eentje langs de hele Ajax-defensie te soleren. Na de rust leek elke aanval een goal te worden, heel frustrerend. Met 15-1 dropen we af. Opmerkelijk hoeveel mensen in je omgeving daarna op de hoogte zijn van zo’n uitslag.
Het hoogtepunt van het seizoen was de 1-0 winst thuis op FC Utrecht. Het laat zich raden dat Erik Tammer de doelpuntenmaker was. FC Utrecht had Marcel Lindenaar en Rob Alflen, twee talenten die het later redden in het betaalde voetbal. Uit verloren we met 6-1 tijdens een avondwedstrijd in de Galgenwaard. Omdat er nauwelijks publiek zat, werd ons geadviseerd om af en toe eens de bal de tribunes in te jagen, waardoor het spel vertraging opliep. […].
Omdat we een-na-laatste werden, speelden we nacompetitie tegen de lotgenoten uit de andere districten. We speelden Kloetinge (3-0), Heracles (3-0, met trainer Jan van Staa) en HHC ’21 (5-0) van de mat.
Een bleven zo behouden voor de Landelijke competitie.
Het einde van een knotsgek seizoen. Van de mat gespeeld door Ajax, maar gewonnen van FC Utrecht. Het seizoen werd afgesloten met een paar toernooien. De Landelijke Jeugdcompetitie kreeg een andere opzet. FC Utrecht plaatste zich voor twee te vormen Hoofdklassen.
Elinkwijk en UVV gingen een klasse daaronder spelen. […].”
Wim Haazer, Valentijn de Korte, Ferry Steenbrink, Jeroen Brand, Erik Tammer, Harrold van Laaren, Jan Willem Luijters, Guus Sanstra, Youssef Talha, Peter Dussenbroek.
Zittend v.l.n.r. Michel van Burgsteden, Jack de Heus, Bart Jan Bekooij, Hans Peter van Zoelen, John Pieters, Jos v.d. Linden. [foto uit het Utrechts Nieuwsblad]